vanrieljournalistiek

must reads

Robert Macfarlane, Benedenwereld. Reizen in de diepe tijd (2019).

Een ontdekkingstocht naar onbekende werelden onder het aardoppervlak, in grotten, gangenstelsels, mijnen en bergen, onder steden en bossen. Over begraven, opgraven en delven. Over actuele thema's als kernafvalopslag en het smelten van het permafrost waarbij wat begraven was weer aan he tlicht komt. En over het wood wide web en schimmels. Macfarlane verbindt wat hij ziet en hoort met verhalen over het onderaardse in de literatuur en mythologieën. Dat levert een rijk boek op met een (letterlijk) ander perspectief op de wereld.

 

 

The End of Night, Searching for Natural Darkness in an Age of Artificial Light, Paul Bogard (2014).

Een onderzoek naar de gevolgen en betekenis van het wereldwijd oprukken van licht en lichtvervuiling. Van de kinderen die nu in het Westen geboren worden, zal 80 procent de Melkweg nooit in volle glorie kunnen zien. Terwijl dat belangrijk is, om je verbonden te kunnen voelen met iets dat groter is dan ons leven op aarde.

 

De nacht is niet alleen van belang voor onze biologische klok en gezondheid, maar ook voor nachtdieren als motten en vleermuizen, voor ecosystemen en astronomen. En voor stilte en melancholie, zo laat Bogard zien in een mooi hoofdstuk over de culturele en spirituele betekenis van het donker. Hij weet een verlangen wakker te maken naar iets waarvan je niet besefte hoe waardevol het is: een nacht die zo donker is, dat weer zichtbaar wordt dat sterren verschillende kleuren hebben en de Melkweg diepte heeft.

 

Zijn zoektocht naar het donker voert de lezer van het felle licht van Las Vegas naar de donkerste plekken op aarde. Beeldend geschreven, soms poëtisch, rijk aan informatie en tot nadenken stemmend. 

Standpunten. Wat we van grote filosofen kunnen leren, Svend Brinkmann (2016)

Tegen het nuttigheidsdenken, waarbij alles ergens voor moet dienen, of iets moet opleveren. Die instrumentele benadering onttrekt betekenis aan het bestaan, betoogt Brinkmann, filosoof en hoogleraar psychologie van Aalborg. In hoofdstukken over thema's als waardigheid, liefde, vergeving, vrijheid en dood zet hij uiteen waarom dit volgens hem zaken zijn met intrinsieke waarde.

 

Vooral het hoofdstuk over verantwoordelijkheid, aan de hand van de Deense filosoof Knud Ejler Løgstrup (1905-1981), auteur van Den Etische Fordrung (1956), is prachtig. Volgens Løgstrup vloeien uit macht altijd plicht en verantwoordelijkheid voort. In zijn woorden: 'Uit de elementaire afhankelijkheid en de rechtstreekse macht ontstaat de eis zorgvuldig om te gaan met het deel van andersmans leven dat afhankelijk van ons is en dat we in onze macht hebben.'

 

Brinkmann (1975) schreef eerder het - eveneens cultuurkritische - Standvastig. Hiervoor kreeg hij in 2015 de Rosenkjærprijs, die elk jaar wordt uitgereikt aan iemand die een wetenschappelijk onderwerp inzichtelijk maakt voor een breed publiek.

Extinctie, René ten Bos (2019)

Helder en erudiet. Leest als een trein, terwijl het gaat over een complex en zwaar onderwerp. De luchtige, ironische stijl van Ten Bos maakt het behapbaar.

Hoe moet je zijn? Sheila Heti (2012)

Hoe kun je authentiek zijn? En: wat is goede kunst? De hoofdpersoon in deze autobiografische roman worstelt met deze vragen en het leven als zodanig. De Engelse titel 'How should a person be'?' drukt haar vertwijfeling nog beter uit dan de Nederlandse. Hoofdpersoon Sheila lijkt het leven meer te denken dan te leven. Dat levert prachtige observaties en redeneringen op, waar regelmatig om te lachen valt. Een fris, origineel en filosofisch boek.

Drift, Bregje Hofstede (2018)

Een autobiografisch verhaal over de teloorgang van een liefde. Eerlijk, intens en pijnlijk. Zorgvuldig opgeschreven. Hofstede maakt invoelbaar hoe twee mensen elkaar - ondanks goede bedoelingen - kunnen verstikken en laat zien hoe trouw zijn aan jezelf onherroepelijk kan betekenen dat je een ander pijn moet doen.

Veel mooie metaforen en beschouwingen. Over slapeloosheid, te veel in je hoofd of in een verhaal leven, van jezelf vervreemd raken en daardoor depressief worden. Prachtige zinnen, zoals: ‘Dit obsessieve teruglezen van mij betekent ook dat ik met modderpoten door ons verleden banjer om overal aan te wijzen wat er niet precies klopte. Ik ben doorlopend bezig haarscheuren tot breuklijnen te maken met de koevoet van het nu.’

Het raadsel Spinoza, Irvin D. Yalom, (2012).

Ook: Nietzsches tranen (2005) en De Schopenhauer-kuur (2007)

En: De therapeut (2005) en: Tegen de zon in kijken. Doodsangst en hoe die te overwinnen (2008).

Oftewel: al het werk van deze schrijver en psychiater is een must read.

De oude koning in zijn rijk, Arno Geiger (2012).

Een zoon (de schrijver) over zijn dementerende vader. Rake en liefdevolle observaties, rijke taal. Ontroerend, maar niet zwaar. Soms zelfs erg grappig.

In Extremis, Tim Parks (2017).

De besluiteloze hoofdpersoon, een vijftigjarige zoon aan het sterfbed van zijn moeder, laat zich voortdurend claimen door zijn omgeving, worstelt met schuldgevoelens, keuzes, een gênant fysiek probleem, zijn verleden en het leven in het algemeen. Zijn diepste wens kan hij alleen uiten tegenover zijn Spaanse psychiater: Que haya un amor (laat er een liefde zijn). De eerlijkheid van Parks is vaak grappig, maar vooral diep-menselijk en herkenbaar. Want ja, zo'n rommeltje is het echte leven nou eenmaal vaak.

Leven als een beest, Charles Foster (2016).

Fascinerend vanwege de excentrieke exercitie: Foster probeert enige tijd te leven als achtervolgens een das, otter, stadsvos, edelhert 
en gierzwaluw. Hij wil af van antropocentrisme en antropomorfe beelden à la Beatrix Potter. Daarom probeert hij te beleven wat
het inhoudt om één van deze dieren te zijn en de wereld te ervaren zoals zij.
De hele onderneming doet, ook door de keuze voor deze vijf dieren, typisch Engels aan. De auteur groeide op met dieren en ontwikkelde
zich van dierenonderzoeker en jager op herten tot empathische dierenvriend.
Hij is bereid ver te gaan voor zijn project: hij slaapt op de grond in een stadspark, ligt uren in z'n eigen uitwerpselen, lijdt honger en kou
en eet wormen en muggen. Zich inlevend in een gierzwaluw, dreigt Foster de greep op de realiteit te verliezen en wordt hij wel erg
associatief.

De eerlijkheid van de auteur, een op medische ethiek gepromoveerde dierenarts, schrijver en advocaat, is
bewonderenswaardig.
De grote kracht van het boek is, dat het anders is dan alle andere boeken over dieren. Vooral vanwege de
enorme sensitiviteit en de rake beschrijvingen van zintuiglijke ervaringen van voor ons als mens onbekende werelden. Maar ook vanwege
de vele originele gedachten die het l
etterlijk 'out of the (menselijke) box' denken oplevert.

 

Blijf de aarde trouw, pleidooi voor een nietzscheaanse terrasofie, Henk Manschot (2016).

De aarde is ziek en die ziekte heet de mens, schreef Nietzsche al in de 19e eeuw, met vooruitziende blik. De ziekte van de mens is dat hij zich vervreemd heeft van de aarde en de natuur om hem heen. We hebben in deze tijd van klimaatverandering en ecologische crisis een filosofie nodig die niet de mens maar de aarde centraal stelt: terrasofie, betoogt Manschot. Een urgent, helder en persoonlijk boek.

Het vogelhuis, Eva Meijer (2016).

Biografische roman over vogelonderzoekster Len Howard (1894-1973). Zij bracht de tweede helft van haar leven door in een afgelegen huisje op het Engelse platteland. Meijer schrijft met een groot inlevingsvermogen. Niet alleen Howard maar ook de vogels komen daardoor tot leven.

Lof der Onvolmaaktheid, Gerbert van Loenen (2015).

Ondertitel: Waarom zelfbeschikking niet genoeg is om goed te leven en te sterven. Voegt veel toe aan de discussie over euthanasie door het stellen van goede vragen over met name autonomie. Verhelderend en verdiepend, met veel oog voor de waarde van kwetsbaarheid.

Betere mensen. Over gezondheid als keuze en koopwaar, Trudy Dehue (2014).

Scherpe, heldere analyse. Onthullend. Dehue onderbouwt en illustreert haar punt zeer overtuigend: de wetenschap maakt de werkelijkheid eerder dan dat ze hem blootlegt.

Leer ons stil te zitten. Een scepticus zoekt zin en gezondheid,Tim Parks (2012).

De neurotische auteur worstelt met zijn prostaatproblemen en voelt zich gedwongen op onderzoek uit te gaan naar een remedie. Onderhoudend, grappig, intelligent en heerlijk zelfkritisch.

Gesloten huis, Nicolaas Matsier (1994).

Autobiografische roman over een zoon die het ouderlijk huis ontruimt na het overlijden van zijn moeder. Aan de hand van wat hij tegenkomt, zoals een schuimklopper voor de afwas en het 'vlekkenschrift' van zijn moeder, reflecteert hij over zijn gereformeerde jeugd, het overlijden van zijn broer, zijn ouders en een door hemzelf doorgemaakte periode van waanzin. Tijdens het opruimen maakt hij schoon schip in zowel het huis als zijn hoofd. Prachtige observaties, rijke taal. Ontroerend, diepgaand, herkenbaar. Kreeg hiervoor de AKO-Literatuurprijs (1994) en de Ferdinand Bordewijkprijs (1995).

 

Kerewin, Keri Hulme (1984).

Overdonderend en puur. Naast de drie hoofdpersonen speelt de natuur een grote rol. Oorspronkelijke titel: The Bone People. Won de Bookerprize 1985.